Het leven een kunstwerk?

Vorige week gaf ik een lezing over Levenskunst bij de Senioren Vereniging Midden Holland. Een thema waar ik mij nog niet eerder in verdiept had, en dat mij in de voorbereiding naast enthousiasme ook wat buikpijn bezorgde. Levenskunst bleek bij bestudering een thema uit de filosofie, iets wat niet mijn specialiteit is. Filosofen als Aristoteles, Seneca en Nietzsche hielden zich bezig met de vraag hoe je het ‘goede leven’ moest leiden. De Franse filosoof Michel Foucault vroeg zich af of niet iedereen een kunstwerk van zijn leven zou kunnen maken.

foto: Brian Oldham

In mijn lezing heb ik verslag gedaan over mijn bescheiden onderzoek. Het is altijd weer boeiend om met mensen die al wat jaren langer meegaan van gedachten te wisselen. Volgens de moderne Levenskunst is het belangrijk dat je jezelf goed kent, weet welke waarden je nastreeft -deze ook praktiseert- en dat je de tijd neemt op je leven te reflecteren. Ook de omgang met tegenslag en het noodlot is onderdeel van levenskunst.

Ik las een artikel in Trouw waarin de Vlaamse hoogleraar kerkelijk recht Rik Torfs iets zei waar ik lang op moest kauwen. Wat heeft geluk met levenskunst te maken?

“Ik ben persoonlijk altijd een beetje tegen geluk. Niet dat ik het mensen misgun, maar het streven ernaar lijkt mij iets ongelooflijk treurigs. Omdat het streeft naar iets dat alleen een nevenproduct kan zijn van een levensstijl. Ik denk dat geluk kan voortvloeien uit diep durven kijken en denken. Wie zijn wij, waar komen we vandaan, waar gaan we naartoe? Waarom is de mens zoals hij is, en de wereld? Waarom kunnen wij veel zien en veel ook niet?”

Niet een levensstijl die geluk als doel nastreeft, maar juist het leven in al zijn facetten omarmen, zelfs met alle tegenslag en het niet-weten, daaruit zou geluk kunnen voortvloeien, aldus Torfs.

“Ik denk dat je het mens-zijn in de complexiteit en dubbelzinnigheid die het eigen is, gewoon op je rug moet laden en ermee op weg moet gaan”

Dat vind ik eigenlijk echt een kunst. En als je dan op weg bent, overvallen de geluksmomenten je soms ineens..

Een moment van geluk
april 2004

Een moment van geluk
april 2017

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedInEmail this to someone

So Big

In 1924 schreef Edna Ferber haar bekroonde roman So Big. Net als Stoner of Dat wat behouden blijft (twee van mijn favoriete boeken) werd deze roman onlangs opnieuw uitgegeven onder de Nederlandse titel Het purperen land. Ik was verkocht toen ik op de achterflap las: “Een diepzinnig boek. Helder en sterk, dramatisch en fascinerend. Een roman om te onthouden” (-The New York Times)

En inderdaad. Ook deze klassieker heeft mij niet teleurgesteld. De roman vertelt het verhaal van Selina Peake die als jonge stadse komt lesgeven op het platteland van Illionois in een gemeenschap vol stugge Hollandse immigranten. Ze trouwt met de knappe maar zwijgzame en straatarme boer Pervus deJong en ze krijgen een zoon: Dirk (ze noemt hem liefkozend ZoGroot- SoBig). Het leven is bepaald niet mild voor Selina. Pervus sterft jong en dan staat ze er alleen voor met haar zoontje op een verlieslijdende boerderij. Ze werkt zich een slag in de rondte om Dirk een goede toekomst te geven.

Selina is een krachtige hoofdpersoon. Ze is levenslustig, eigenzinnig en heeft een scherp oog voor schoonheid. Schoonheid is misschien ook wel het belangrijkste thema uit het boek. Als Dirk de architectuur vaarwel zegt en kiest voor een carrière in de obligaties volgt er een woordenwisseling tussen moeder en zoon:

‘Dirk, je kunt haar niet zomaar in de steek laten!’

Wie laat ik in de steek? Hij keek verschrikt.

‘Schoonheid! Zelfexpressie. Hoe je het ook wilt noemen. Let maar op! Op een dag keert ze zich tegen je. Op een dag heb je haar nodig en dan is zij er niet.’

Dat deze woorden van Selina profetisch zullen blijken, maakt het boek misschien zelfs een tikje moraliserend. Het is een vurig pleidooi voor –werkelijke- schoonheid. De rijkdom van een leven vol levenservaring, de schoonheid van de natuur, de authenticiteit van het ambacht, versus de leegte van het makkelijk verdiende geld, dure spullen zonder geschiedenis, een knap gezicht zonder rimpels of littekens

portret uit de film ‘Human’ van Yann-Arthus Bertrand

Bijzonder dat een boek uit 1924 nog zo actueel is.

Dat het werkelijk om een oud boek gaat, realiseerde ik mij pas echt toen ik onderstaande filmtrailer zag. So Big werd in 1953 verfilmd. Heerlijk die voice-over en aanzwellende filmmuziek..

https://www.youtube.com/watch?v=OLfrAtf044w

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedInEmail this to someone

Do you really care?

Bovenop in mijn weekendtas naar Oerol zat het magistrale boek de Ondergrondse Spoorweg van Colson Whitehead. Het bekroonde boek gaat over de 15-jarige Cora -slavin op een katoenplantage in Georgia- die haar lot in eigen hand neemt. Ze vlucht met hulp van ‘de ondergrondse spoorweg’, de aanduiding voor het geheime netwerk dat slaven van zuid naar noord loodste in de 19e eeuw. Whitehead vertaalt dit letterlijk tot een ondergrondse trein, en neemt je als lezer mee op deze levensgevaarlijke tocht. De roman is razend spannend en je wordt –net als Cora- opgejaagd door slavenjagers, geschokt door het buitenissige geweld en verbouwereerd door de algehele rassenscheiding en discriminatie. Ook schetst de auteur pijnlijke paralellen met de actualiteit. Blanken werden opgehitst en bang gemaakt voor (de wraak van) zwarten. Een zuidelijke senator waarschuwt: ‘In het donker, zei hij, lag het zwarte schoelje op de loer om de vrouwen en dochters van brave burgers te onteren.’

Met deze passage vers in het hoofd stapte ik aan wal en bezocht als eerste de voorstelling A seat at the table. Ik werd direct geconfronteerd met het feit dat slavernij dan wel tot het verleden behoort, maar dat alledaags racisme bepaald nog niet verdwenen is..

De initiatiefnemer van dit stuk -Samir Amini- houdt Nederland een spiegel voor. Amini en drie andere acteurs vertellen over het expliciete maar vooral ook sluipende racisme waarmee zij te maken krijgen. Over een zwemcoach die denkt dat alle zwarten zinken, over Jack Spijkerman die Humberto Tan beledigt door een grap te maken (“je bent niet alleen zwart, je bent nog dom ook”) en over Humberto Tan die hier als een aangepaste Bounty (zwart van buiten, wit van binnen)  sociaal wenselijk op reageert.


Ik, als blanke in een bijna helemaal wit publiek, voelde me aangesproken en soms ook wat ongemakkelijk. De voorstelling gaf op een prikkelende -maar ook heel geestige en ontroerende manier- stof tot nadenken en napraten. Samir eindige met een krachtig lied met de terugkerende zin: ‘Eerste stap is erkennen van het hebben van een probleem’

Volkskrant recensent Annette Embrechts reageerde:

Stap één is benoemen. Stap twee: serieus nemen. En stap drie: eerlijk antwoord geven op de vraag: do we really care?

 

 

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedInEmail this to someone

Au clair de la lune

Gisteren thuisgekomen na vijf heerlijke dagen Oerol. Ook dit jaar weer prachtige, schurende en ontroerende voorstellingen, leuke verwachte en onverwachte ontmoetingen, een harde wind, felle zon en.. volle maan! Iedere avond na een late voorstelling fietsen we terug ‘au clair de la lune’.

Maandagavond namen we plaats in het kerkje van Midsland. Boven ons  het indrukwekkende kunstwerk van de Britse kunstenaar Luke Jerram; een perfect lijkende maan met een diameter van 7 meter. Op deze ‘maan-dagnacht’ van kunst en wetenschap hoorden we colleges, bespiegelingen en liedjes over de maan.

Prof. dr. Heine Falcke is hoogleraar astrofysica aan de Radboud Universiteit (en religieus!) Hoewel alle colleges -voor een alfa als ik- nogal ‘bèta’ waren, zijn een aantal dingen uit zijn betoog me bijgebleven. Al eeuwenlang fascineert en inspireert de maan mensen. Het is het enige hemellichaam die we zo goed met het blote oog kunnen zien. Je kunt zelfs de structuur van de maan zien; kraters, schaduwplekken. De maan spreekt tot de verbeelding. Er zweven meer manen in ons zonnestelsel, maar onze maan is de trouwe metgezel van de aarde. Hij draait om onze aarde heen. En. ..hij beschermt onze planeet tegen kometen en ander losvliegend onheil.

Het is dus niet zo gek dat de maan voelt–althans zo ervaar ik het- als een troostende en geruststellende aanwezigheid. Waar je ook bent op aarde, de maan is altijd dezelfde. Hij (of zij) reist met je mee en schijnt je bij. Zij beschermt onze kwetsbare planeet met alle leven erop door haar vaste baan rond de aarde. En bij het licht van de maan ziet alles er anders uit.

Ook bezochten we de prachtige voorstelling Kopland van PeerGrouP en Gouden Haas. De melancholieke gedichten van Rutger Kopland op een koptelefoon, wij zittend op een klapstoeltje met als decor een prachtige wolkenlucht en een heuvel. Twee acteurs en een glazen kas. Ik vond het schitterend.

De dichter en psychiater Kopland werd geïnspireerd door het landschap en de natuur. Hij dichtte over het maanlicht:

Grasveld in het maanlicht

Je raapt een pop uit het gras

maar je weet niet welk verdriet

het was dat je terugvindt

 

de maan doet wat hij wil

hij beduimelt het kleine

landschap in de zandbak

geel als een prent

bij je grootmoeder

hij zet een schilderachtig

speelgoed-paard in galop

over de prairie.

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedInEmail this to someone

Jeruzalem Al-Quds

Het vergt een stap in blind vertrouwen maar we nemen die stap graag, en verbeelden ons dat hummus de inwoners van Jeruzalem uiteindelijk bij elkaar zal brengen, als al het andere heeft gefaald.

Dit schrijven Sami Tamimi, een Palestijn die in het oostelijke –islamitische- deel van Jeruzalem (Al-Quds) opgegroeid is en Yotam Ottolengi die zijn jeugd in het joodse westelijk deel van de stad doorbracht. Samen schreven ze een kookboek. Marien kreeg het prachtige boek voor z’n verjaardag. De gerechten, de foto’s’ en de verhalen; ze doen zelfs mij terugverlangen naar Jeruzalem dat ik twee keer bezocht, en waar Marien negen maanden woonde.

Ook las ik deze week de roman ‘Grensleven’ van de Israëlische Dorit Rabinyan. Het is het liefdesverhaal van de Palestijnse Hilmi en de joodse Liat. Ze ontmoeten elkaar in New York en beleven een hartstochtelijke Amerikaanse winter. Net als de schrijvers van het kookboek zijn ze opgegroeid met dezelfde kleuren, geuren en smaken van het Midden-Oosten en delen ze de heimwee naar hun thuisland. Toch dringt zelfs in hun romantische cocon de politieke werkelijkheid binnen en kunnen ze discussies hierover niet vermijden.

Ik vond het een prachtig gevoelig boek met meesterlijke karakters. Heel subtiel en realistisch legt Rabinyan de situatie in het Midden Oosten bloot en hoe dit menselijke relaties bepaalt. In Israël werd dit boek verboden op middelbare scholen omdat het relaties tussen Joden en Palestijnen zou bevorderen.

Israël is een fascinerend, ingewikkeld land waar fanatiek gestreden wordt om een stukje land, of het beschermen van de eigen religie, cultuur en manier van leven. Die passie heeft naast de destructieve kant, ook de positieve kant dat die energie te proeven is in al die heerlijke gerechten, aldus Ottolenghi.


Aan die gerechten heb ik mij vanavond gelaafd. Het was verrukkelijk en in goed gezelschap. Ik hoop van harte met de auteurs dat gezamenlijk koken en eten kan bijdragen aan de verbroedering en vreedzaam samenleven aldaar.  Lechaim!

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedInEmail this to someone