Climb every mountain

Siem wilde heel graag eens de bergen eens zien en daarom brachten we de tweede week van onze vakantie in Oostenrijk door. Hoewel we een paar dagen in de miezer en wolken zaten, hebben we prachtige bergtochten gemaakt. Na een stevige klim je brood opeten op de top met magistraal uitzicht is de mooiste beloning..

De Franse schrijver Andre Maurois zei: ‘Wat een avond gewijd aan het lezen van goede boeken is voor de geest, is een verblijf in de bergen voor de ziel.’ Voor zowel mijn geest als mijn ziel was het wat dat betreft een heel goede week.

Ik las ‘Jij zegt het’ van Conny Palmen over dichtersechtpaar Ted Hughes en Sylvia Plath. Plath pleegde zelfmoord in 1963 door haar hoofd in de gaskachel te steken (terwijl haar kleine kinderen boven lagen te slapen) na een leven lang geworsteld te hebben met depressies. Conny Palmen is in de huid gekropen van Ted Hughes, die door menigeen verantwoordelijk werd gehouden voor haar dood omdat hij haar had verlaten voor een andere vrouw. Ik vond het een indrukwekkend boek dat knap beschrijft hoe het voor een partner moet zijn om te leven met iemand die lijdt aan ernstige depressies.

De vorige keer dat ik mijn vakantie in de bergen doorbracht was een moeizame. Geplaagd door die rare ziekte van Cushing met bijbehorende depressie, hoopte ik op diezelfde louterende werking van de bergen. Maar de afgrond lonkte, tot grote bezorgdheid van Marien die me over de bergpaadjes nauwlettend in de gaten hield.

Depressie is een onderschatte en wrede ziekte, en iedere dag overlijden er in Nederland 5 mensen aan zelfdoding. In de Volkskrant dit weekend  pleit oud-hoogleraar suïcide-preventie Ad Kerkhof voor een betere opleiding voor artsen en hulpverleners op dit gebied. Suïcide wordt ten onrechte nog steeds vaak gezien als een schreeuw om aandacht en de processen die tot zelfmoord leiden worden vaak niet begrepen.

Gelukkig is mijn geest weer helder en ben ik zielsgelukkig dat ik mijn zoon de bergen heb kunnen laten zien.

Flammkuchen

De eerste week van onze vakantie verbleven we in de Elzas, een mooi stukje Frankrijk waar we nooit eerder waren. Een gebied vol bossen en kastelen, waar de steden Duitse namen hebben, en waar de allerbeste Flammkuchen gemaakt worden..

Ik vind het altijd leuk om een boek te lezen dat zich afspeelt in de streek waar ik op bezoek ben. Ik las ‘Jacob besluit lief te hebben’ van de Roemeen Catalin Dorian Florescu. Hoofpersoon Jacob wordt in 1924 in Roemenië geboren als nazaat van een Zwabische familie –de Obertins- die zich in de 18e eeuw in Roemenië vestigen, vanuit- jawel- Elzas Lotharingen!

De belangrijkste verhaallijn gaat over deze Jacob, maar ook wordt kunstig de overgeleverde familiegeschiedenis van de Obertins uit de doeken gedaan. Die geschiedenis start in de 17e eeuw bij Caspar Obertin in de Elzas. Deze jongeman heeft in de Dertigjarige Oorlog gevochten en je leest hoe hij moe en hongerig door de bossen struint en de boerderij zoekt die hij jaren geleden heeft verlaten. Als hij ontdekt dat er andere mensen wonen, vermoordt hij ze, en bezwangert hij de 16e jarige dochter. Dat is de start van de Obertin-clan. Ook de andere mannen die de stamboom bevolken zijn moedige maar wrede mannen die op zoek zijn naar een beter leven, en daarbij letterlijk over lijken gaan.

Wel een beetje een mannenboek’ was mijn eerste reactie toen ik het uit had. Maar nu ik er over nadenk is het meer nog een boek over de menselijke geschiedenis. Iedereen die wat wilde bereiken moest misschien wel meedogenloos zijn. Onze voorouders waren primitievelingen, die hun honger wilden stillen, een stukje grond voor zichzelf wilden en vrouwen nodig hadden voor nageslacht. Pas op de laatste bladzijden doorbreekt Jacob de keten en komt de titel aan bod (in het hele boek komt bedroevend weinig liefde voor..) Hoewel zijn vader hem verloochend heeft, hij steeds opnieuw alles verliest, besluit hij niet te haten maar te vergeven.

Een boeiend boek met voornamelijk hoekige mannen in de hoofdrol, en een einde dat vragen bij me oproept. Bedoelt de auteur dat de mens empathiser is geworden in de loop der tijden? Of is Jacob een voorbeeld dat iedereen de keuze kan maken het anders te gaan doen dan zijn (voor-)ouders?

Een wandeling door de Elzasser bossen leent zich uitstekend voor bespiegelingen over deze vragen. Tot de primitieveling in je besluit een heerlijke flammkuchen naar binnen te schuiven.

Levensboek

Ieder jaar wordt door de SVMH (de voormalig ANBO) de Goudse Zomerschool georganiseerd door een aantal enthousiaste dames.  Ik mocht de aftrap doen met een presentatie over zingeving. De Hongaarse schrijver Konrad zei: Vraag de mens naar de zin van zijn leven en hij vertelt je zijn levensverhaal.

Aan het eind van de ochtend kwam een van de toehoorders, Aty Veldhuizen, naar me toe en vertelde me dat ze een boekje had gemaakt over haar leven, en dan met name over haar kindertijd. Ze is in 1940 geboren; een kleuter in oorlogstijd. Ik heb haar boekje in 1 ruk uitgelezen. Het is getiteld: ‘Dat vliegtuig, dat is oorlog’ omdat het geronk van vliegtuigen haar nog steeds bang kan maken. Het is fijn geschreven, prachtig vormgeven en bevat veel foto’s uit het familiearchief. Haar vader was een bevlogen amateur fotograaf.

Toen ik trouwde heeft mijn moeder het ‘Mam, vertel’s’ boek voor me gemaakt. De auteur Elma van Vliet schreef dit boek toen haar moeder ernstig ziek werd, en inmiddels hebben duizenden moeders het voor hun kinderen ingevuld. Ik vind het nog altijd een waardevolle schat vol verhalen en herinneringen aan haar eigen jeugd en leven, maar ook aan mij als kind. En het boek nodigt ertoe uit dingen op te schrijven die je in real life niet zo makkelijk tegen elkaar zegt.

Beide boeken zijn voor mij weer een impuls om het levensboeken-project in het verpleeghuis nieuw leven in te blazen. Familieleden of vrijwilligers die het levensverhaal van een bewoner optekenen door in gesprek te gaan. Want het is zoals Aty achterop haar boekje schrijft:

In ieder mens schuilt een verhaal

dat het waard is om verteld te worden

Nora en Netflix

We hebben voor het eerst een proefabonnement op Netflix. ‘Binge-watching’ schijnt een risico te zijn. En jawel; Marien en ik hebben drie avonden alle afleveringen van de Scandinavische serie Grenseland gekeken. Knap hoe je binnen no-time in een verhaal over familiebanden en drugshandel wordt gezogen, en na het kijken van 8 afleveringen vol adrenaline maar zonder de clou te snappen (in mijn geval) achterblijft..

Wellicht om mijn lezende zelf trouw te blijven las ik deze week de roman Nora van de Ierse auteur Colm Toibin. Een groter contrast is bijna niet mogelijk; waar Grenseland een wirwar van verhaallijnen en plotwendingen is -maar geen diepgang in de personages- draait het in Nora alleen maar om de karakters en gebeurt er helemaal niks spannends.

Nora is een vrouw van in de 40 die met 4 kinderen achterblijft na het overlijden van haar man. Het speelt zich af eind jaren ’60 in een klein stadje in Ierland tegen de achtergrond van de oplaaiende conflicten in Noord Ierland. Ze moet weer gaan werken, zich zien te verhouden tot haar rouwende en puberende kinderen en tot de goed bedoelde adviezen van haar omgeving. Langzaam maar zeker (her-)vindt ze zichzelf, gaat ze erop uit, en ontdekt ze muziek en zang.

Nora is geen makkelijke vrouw; enerzijds is ze introvert en bot, anderzijds kent ze een impulsieve en eigenzinnige kant. Ik kan niet zeggen dat ik haar aardig vindt en het verhaal is eigenlijk best saai, maar toch heb ik het met plezier uitgelezen. Het gaat over echte mensen met hun twijfels, gedachten en ergernissen. Het gaat over het echte leven. Hans Bouman schrijft in de Volkskrant: Nora is een roman over een personage dat fascineert zonder per se sympathie te wekken. Dat kunnen alleen echt begaafde schrijvers.

Of Netflix een blijvertje is weet ik niet. Lezen blijf ik sowieso.

Joie de Vivre

Gisteren organiseerde ik samen met Kim een Zinzoekers- diner voor het inmiddels opgebouwde Zinzoekers-netwerk. Met 18 mensen fietsen we gisteren tussen drie verschillende huizen om te eten, te drinken en te praten. Rode draad was ‘joie de vivre’. Aan de hand van Franse chansons bespraken we levensthema’s a la Zinzoekers.

We starten bij Els en Johan met een heerlijke saffraansoep en het nummer Voyage Voyage op de speakers. We vertelden elkaar waarvoor we thuisbleven, en waarvoor we juist op reis gingen.

Bij ons thuis aten we ratatouille en confit-de-canard en luisterden we naar Une belle histoire. Welk verhaal inspireert je? Welk verhaal wil je delen?

Tenslotte streken we neer in de heerlijke tuin van Maaike en Gerben waar tarte-tatin, fruit en koffie klaar stond en waar we spraken over ‘spijt’  met natuurlijk het onvergetelijke Non, je ne regrette rien. Edith Piaf zong dit nummer in 1960. Ze droeg dit nummer op aan het Frans Vreemdelingenlegioen dat destijds vocht in Algerije.

Het was een avond waar je de zin niet hoefde te zoeken; de joie de vivre lag voor het oprapen.

Nee, van helemaal niets

nee, van niets heb ik spijt

Niet van het goede dat me is gegeven

noch van het slechte, het is me allemaal eender

Nee, van helemaal niets

nee, van niets heb ik spijt

Alles is afgedaan, uitgewist, vergeten

Ik heb maling aan het verleden

Met mijn herinneringen

heb ik de kachel aangemaakt

Mijn verdriet, mijn geneugten

ik heb ze niet meer nodig

Uitgewist de liefdes

en hun roerselen

voorgoed uitgewist

Ik begin weer helemaal opnieuw

Nee, van helemaal niets

nee, van niets heb ik spijt

Niet van het goede dat me is gegeven

noch van het slechte, het is me allemaal eender

Nee, van helemaal niets

nee, van niets heb ik spijt

want mijn leven, mijn vreugdes

het begint vandaag, met jou