De moeder van Sonja

Sonja op.. (maandag, dinsdag, woensdag enzovoort) was een praatprogramma op de televisie dat me nog goed kan herinneren. Sonja Barend als boegbeeld van de VARA met –in de jaren tachtig en negentig- grote schoudervullingen en een korte coupe. Ik vond haar altijd krachtig en stads.

Onlangs kwam haar biografie uit. Daarin vertelt ze over haar leven, haar carrière, de kanker die haar tot vier maal toe overkomt. Maar bovenal gaat het boek over haar familiegeschiedenis en de relatie met haar moeder. In 1942, Sonja is twee, wordt haar joodse vader David thuis opgehaald door twee keurige Nederlandse mannen. Haar (katholieke) moeder laat de mannen binnen en hij zegt ten afscheid tegen zijn vrouw: Je ziet mij nooit meer terug. Hij krijgt gelijk; hij sterft in Auschwitz. Haar moeder laat zich van hem scheiden en hertrouwt snel daarna. Sonja ontdekt pas later dat haar stiefvader, niet haar echte vader is. Als Sonja haar moeder vraagt naar haar vader krijgt ze als antwoord: ‘Ach kind, het is allemaal zo lang geleden’. Ze neemt haar geheimen mee het graf in.

Waarom zit ik opgescheept met al die raadsels? Waarom heb je het verleden met mijn vader vermalen in je hoofd als de bonen in je geliefde ouderwetse koffiemolen? Waarom heb je mij opgezadeld met dat ‘uitgewiste’ verleden, dat altijd in mijn hoofd aanwezig is als een ondoorzichtige grijze wolk? Waarom kan ik niet gewoon woedend op je zijn, of je, al is het maar een halfuurtje, gewoon eens lekker haten? Waarom kan ik niet anders dan je in bescherming nemen en zielsveel van je houden?

Met mijn moeder, 1981

De relatie met je moeder is een bijzondere. Ik bof met de mijne. Maar ook als de relatie complex of moeizaam is, of vol onuitgesproken zaken zoals bij Sonja. Het blijft je moeder. Een mooie rubriek in de weekend editie van NRC vind ik ‘Lessen van mijn moeder’. Ontroerend vond ik de bijdrage twee weken terug van theatermaakster Marjolijn van Heemstra:

Mijn moeder gaat me voor over een slingerpaadje tussen braamstruiken. Het begint langzaam licht te worden. Ik kijk naar haar bruine jas, haar rechte rug. Mijn open, ondoorgrondelijke moeder die met één blik kan vergeven en veroordelen. Mijn zachte, ernstige moeder om wie ik soms zo hard moet lachen dat ik er van huil.

 

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedInEmail this to someone

De Buurjongen

Twee weken terug was ik in de bibliotheek van Overschie waar Jan Siebelink vertelde over zijn nieuwe boek: de Buurjongen. Ik dacht terug aan het mooie programma Recht van Spreken van omroep MAX dat ik tijdje geleden zag. Siebelink raakte mij toen ook door zijn haperende antwoord op de vraag of hij nog gelovig is, zijn angst voor eindigheid en zijn verlangen naar betekenisvol leven. In het interview zegt hij dat hoopt na de dood zijn ouders terug te zien en dat alles ‘weer heel wordt’ zoals hij dat in jeugd ervaren heeft. “Ik ben eigenlijk nooit ouder geworden dan 11, zegt hij, ik heb dat naïeve behouden”

Die jongen klinkt door in zijn nieuwste boek. Hoofdpersonage is Henk Wielheesen, buurjongen van de kwekerij van de familie Sieves (het gezin uit Knielen op een bed violen). Henk is een jongen met zachte ogen, die slecht uit zijn woorden kan komen en niet voor het geluk geboren lijkt; hij verliest op zijn elfde zijn moeder en moet naar speciaal onderwijs. Hij werkt graag op de tuinderij van buurman Sieves. Hij heeft een wonderlijk talent om Latijnse plantennamen te onthouden. Het boek beschrijft zijn jeugd, zijn huwelijk met Anna, de relatie met zijn dochter Guusje en de vriendschap met buurjongen Ruben.

Een recensent van het literaire blog Tzum vond het boek zwaarmoedig en niet bijster opbeurend. Op mij had het tegenover gestelde effect. Ik werd geraakt door de tedere manier waarop Siebelink de zonderlinge Henk beschrijft, en ik putte juist troost uit de trouw en liefde die het boek ademt. Zoals dat dorp dat als vanzelfsprekend Henk een plek biedt in de plaatselijke zagerij als hij na een zware zenuwinzinking niet meer op de kwekerij kan werken (‘wij doen niet aan sociale werkplaatsen’) Zoals Anna op haar eigen nurkse manier probeert een weg te vinden in haar huwelijk met deze onbegrijpelijke man. En Ruben, hoogleraar op de universiteit, die ervoor kiest in de buurt van het dorp te blijven om voor zijn vriend te zorgen.

Een oer-Hollands boek vond ik het ook; met warmte voor die Calvinistische tobbers op het vlakke land en die mystieke religiositeit die Siebelink zo mooi beschrijft:

Henk Wielheesen onderging de sfeer van de flakkerende kaarsen, de muren met het oude voegsel, die het gebed uitzweetten van de geslachten die hem waren voorgegaan. Een kindergebed kwam in hem naar boven:

Met mijn handen samen

En mijn ogen dicht

Kom ik met U praten

Vader van het licht.

(..) Wielheesen werd opgenomen en meegevoerd naar een warm diepzinnig slaapvertrek, naar een gebied dat hem vertrouwd voorkwam. Zijn handen beefden niet meer, lagen over elkaar. Hij was heel kalm, want niets kon hem deren.

Dat verlangen naar heelheid, naar die plek waar alles goed is, is waarschijnlijk ook datgene wat Siebelink zelf hoopt te vinden als het aardse leven ophoudt. Ik vind het ontroerend mooi. Hoop dat hij nog veel boeken schrijft voor het zover is. Ik heb Jan Siebelink belooft hem te laten weten wat ik van zijn boek vond. Bij deze.

 

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedInEmail this to someone

Schitterende Ruïnes

onze trouwkaart geschilderd door Leonie

Een troost blijft:

Er is in ieder woord een woord,

Dat tot het onuitspreekbare behoort;

Er is in ieder deel een deel

Van het ondeelbare geheel,

Gelijk in elke kus, hoe kort,

Het hele leven meegegeven wordt.

Deze woorden stonden op onze trouwkaart in 2008. Het komt uit de novelle Drie Rode Rozen van Abel Herzberg. Het hele gedicht heet ‘Alles is fragment’. Ik weet nog dat het diepe indruk op me maakte toen ik het las. Het schrijft over  ‘het grote Mysterie van het Leven’. Soms ervaar je even iets van dat geheim, het hele leven in een fragment gevangen. Het is een ervaring die je niet van te voren kunt plannen of organiseren, soms overkomt het je.

Dit gedicht kwam weer bij mij op toen ik het boek ‘Schitterende Ruïnes’ van Jess Walter uit had. Ik griste deze roman op het laatste moment mee bij de boekhandel omdat ik Cinque Terre op de voorkant herkende. Marien en ik waren in 2006 aan de Ligurische kust en we maakten de prachtige wandeling tussen de vijf plaatsjes. De kleuren, de geuren (van citroenen die langs de route verkocht werden) staan me nog helder voor de geest.

Deze roman speelt zich af in datzelfde Cinque Terre in 1962, waar de twee hoofdpersonen -een Italiaanse jongeman en een Amerikaanse actrice- zo’n moment-in-time beleven. Vervolgens neemt de auteur je mee naar verschillende plekken, decennia en levenslopen om ze uiteindelijk in het ontroerende slothoofdstuk samen te brengen.
De titel ‘Schitterende ruïnes’ is gebaseerd op een uitspraak uit vier lange interviews met acteur Richard Burton uit 1980 (Burton speelt ook een rol in de roman). De interviewer schreef: “Burton was met vierenvijftig jaar al een schitterende ruine, en was ongekend charismatisch”.

Schitterende ruïnes als een verwijzing naar de sporen die het leven achterlaat. Op alle denkbare manieren. Het boek speelt met de gedachte die we allemaal weleens hebben. Als het allemaal anders was gelopen; als ik andere keuzes zou hebben gemaakt, als ik met die liefde verder zou zijn gegaan, hoe zou mijn leven dan zijn geweest? Het gaat over keuzes en verantwoordeljkheid, over roem en spijt, over vergankelijkheid en schoonheid, over alles wat voorbij gaat en dat wat blijft. Het is een prachtig boek.

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedInEmail this to someone

Zwitserleven

Zwitserland! Een land waar ik mee groot gebracht ben. Als jong meisje ging ik al met mijn ouders naar de Alpen; met een wandelstok de bergen in. Een van mijn eerste spreekbeurten op de basisschool ging over Zwitserland. Ik had informatie opgevraagd bij ‘het Zwitsers verkeersbureau voor toerisme’ en kon op mijn 10e een ieder vertellen dat er vier talen worden gesproken en dat Zwitserland neutraal was in de Tweede Wereldoorlog.

Dat laatste ben ik met toch iets andere ogen gaan bekijken na het lezen van de roman Gustav en Anton van auteur Rose Treman. Het speelt zich af in een klein Zwitsers stadje tijdens en na de Tweede Wereldoorlog. In de loop van het boek wordt duidelijk dat Zwitserland/de Zwitserse banken niet zulke schone handen had als gedacht. De levens van de twee jeugdvrienden Gustav en Anton worden hier (mede) door bepaald. Het boek gaat over vriendschap maar misschien nog wel meer over liefde; het zoeken ernaar en het onvermogen om het uiten. De Zwitserse moraal wordt Gustav door zijn bijles-leraar al op jonge leeftijd haarscherp bijgebracht: 

‘Zwitserland moet zijn als een kokosnoot. We beschermen onszelf –alle goede dingen die we hebben en die we zijn- met een harde vastberaden maar rationele houding, onze neutraliteit’

Zelfbeheersing en rationaliteit zijn belangrijke waarden die enerzijds sterk de sfeer van het boek bepalen. Anderzijds is het juist een extreem emotioneel boek waar personages sterk door hun driften, angsten en geheimen worden geleid (het eerste leidt waarschijnlijk ook wel tot het tweede..) The Guardian noemde dit boek een soort Zwitserse Stoner maar dat durf ik te betwisten. Hoewel ik met heel veel plezier heb gelezen, komt het wat mij betreft niet bij de subtiliteit van Stoner in de buurt. De oorspronkelijke titel is the Gustav-Sonate en dat past eigenlijk beter bij het boek. Het gaat namelijk hoofdzakelijk over Gustav, en hoe hij geworden is wie hij is.

Zo snel Siem zin krijgt om te gaan bergwandelen, gaan we naar Zwitserland en herlees ik Gustav en Anton gewoon nog eens op de balkon van een chalet. Daar komt het misschien nog beter tot zijn recht dan aan de Normandische kust..

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedInEmail this to someone

Warme melk aan zee

Gisteren thuisgekomen van twee heerlijke weken Frankrijk. Ik ben verslingerd geraakt aan de prachtige kusten en wolken van Normandië. Iedere dag erop uit en ’s avonds lezen met een wijntje erbij.

Ik heb drie romans uitgelezen. Een daarvan speelt zich ook af bij de zee. De roman heet Warme Melk van Deborah Levy en de titel is even ondoorgrondelijk als het boek. Het gaat over de 25-jarige Sofia. Haar Griekse vader heeft haar Britse moeder verlaten toen Sofia nog klein was. Sofia is antropologe maar lijkt niet goed te weten wat ze met haar leven, de liefde en haar toekomst aan moet. Rose, haar moeder, lijdt aan een onverklaarbare ziekte waardoor ze soms verlamd is. Sofia zorgt als vanzelfsprekend voor Rose en neemt haar boosaardigheid op de koop toe. Als Rose een extra hypotheek neemt om een wonderdokter te consulteren, reist Sofia mee naar de Spaanse kust. Daar maakt ze vanalles mee; ze knoopt intense relaties aan, bevrijdt een kettinghond en wordt dikwijls gebeten door Medusa’s; gigantische kwallen..

In de Groene Amsterdammer schrijft Niña Weijers

Levy’s roman is een freudiaans spiegelpaleis, waarin zich achter iedere concrete werkelijkheid een symbolische orde schuilhoudt. Moeders moeten gedood, seksualiteit veroverd, trauma’s herleefd, het onbewuste gekanaliseerd. Het is over the top, en het werkt.

Bij mij hadden al die symbolen, verwijzingen en absurde personages een andere uitwerking. Ik had steeds het gevoel dat ik tentamenvragen zou krijgen over de dubbele lagen die ik zou moeten ontdekken. Opgezette aapjes, Griekse sandalen, een slang die gedood moet worden; het hele boek heeft een dreigende sfeer, niet in de laatste plaats doordat er tussen de hoofdstukken mysterieuze observaties staan, alsof iemand Sofia begluurt.

Hoe dan ook, het is razend knap geschreven en het is ook waar wat er op de achterflap staat:‘Na het lezen van deze koortsachtige coming-of-ageroman blijven de bizarre beelden nog lang hangen’

Toch ben ik blij dat de noord-Franse wind die bizarre beelden heeft weggeblazen en dat de zee mij geen Medusa kwallen bracht maar prachtige schelpjes en stenen..

 

Share on FacebookTweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Google+Share on LinkedInEmail this to someone